donderdag 22 december 2011

Kinderkopjes

Nog steeds in Kathmandu, in de lappenmand. Ik mis de kinderen.

Kritan
Pramila
Ishor
Rajan
Sushil
Mahalaxmi
Govinda
Rajesh
Sunita
Rabilal
Binda
Srijana (met buurmeisje)
Shondiki
Suraj
Sita

Fijne Kerst allemaal!!

woensdag 14 december 2011

De een z'n dood is de ander z'n vrije dag (en: een nieuwe bril, grande finale)

Een paar dagen voor we naar Chitwan vertrokken hebben Inge en ik ons allebei een nieuwe kurta laten aanmeten, deze keer met stoffen die iets minder gewoontjes waren dan de vorige. Je kunt kant en klare pakketten kopen met geborduurde stof voor een surawal (broek) en een kurta (bovenstuk) en met een bijpassende sjaal. Ik ging deze keer voor bruin en blauw met gouden sterren, Inge koos voor een rode kurta, ze is immers al vier jaar samen met Bart dus zo goed als getrouwd. Mahalaxmi en Binda zijn weer mee geweest om ons te adviseren en deden dat heel gewetensvol. Rood voor Inge kon best. Vorige keer was het nog ondenkbaar maar hun moraal is kennelijk door onze bandeloze invloed ook al wat gekelderd.

Eerst een mooi stofje uitzoeken.

Terug uit Chitwan dachten we onze pakjes te kunnen gaan ophalen, ze zouden immers al de dag na ons vertrek klaar zijn. Maar nee, geheel volgens Nepalees gebruik was de leveringstijd vertraagd met dik anderhalve week. Kon dinsdag maar terug. Het was slikken of stikken, de naaister en haar bazin keken ons aan met uitgestrekend gezichten. Als die naaister nou eenmaal een paar dagen naar Kathmandu moet, kan er niet aan kurta's gewerkt worden. Helaas pindakaas. Op excuses hoefden we niet te rekenen. Dat werd weer vijf dagen wachten.
Gisterenavond waren ze dan eindelijk echt klaar. We zijn ze met een heel gevolg van kinderen gaan ophalen. Inge heeft daarna om het plaatje te vervolmaken ook nog even wat traditionele glazen armbandjes gekocht. De kinderen kozen uiteraard die met het meeste klatergoud.

Vanochtend trokken we de kurta's natuurlijk aan naar school. Met wat extra laagjes eronder tegen de kou. De kinderen waren weer heel enthousiast, we troffen ze voor het ontbijt aan rond een klein vuurtje met hun handen er zowat in. Bhimsen vond onze outfits maar belachelijk, vooral dat Inge rood gekozen had, voor getrouwde vrouwen. Hij keurde ons amper een blik waardig.


Het ontbijtfikkie.

Toen we op school kwamen hoorden we van Sita dat er een vrije dag was ingelast omdat de moeder van de principal is overleden. Zielig natuurlijk, de arme man had de laatste tijd al het een en ander aan zijn hoofd, maar om hier nou de hele school voor dicht te gooien? Volgens mij wist trouwens zo'n beetje iedereen het al, behalve wij. Even later kwam een van de oudere leraren het ons toch nog even vertellen en bij het ochtendappel werd het nieuws officieel aan de kinderen meegedeeld. Een minuut stilte volgde en daarna kon iedereen naar huis.
Tja, daar sta je dan, met zomaar opeens een lege dag voor je. Inge en ik zijn eerst maar eens lekker op het dak van ons huis in de zon gaan zitten met een kopje thee en een reep chocola en hebben hard gewerkt aan de handover die we voor de volgende Cross Borders-vrijwilligers moeten schrijven. O ja, en we hebben natuurlijk weer wat staatsieportretten in onze nieuwe kurta's gemaakt. De kinderen van Mero Niwas stonden van een paar daken verderop al naar ons te joelen wat we aan het doen waren en wanneer we kwamen.

De nieuwe outfit.

Toen we zin kregen in tiffin zijn we hun kant op gegaan. Ze waren met zijn allen op het dak; het plaatsje achter is sinds vanochtend bedolven onder grote keien. Er wordt daar een trap gebouwd want het hele kinderhuis gaat een verdieping omhoog verhuizen. Daar horen we tenminste al een tijdje geruchten over van de kinderen, Bhimsen vindt het niet nodig ons in te lichten dus het blijft een beetje gissen wat het wordt. Maar er wordt nu echt gewerkt dus het zal wel waar zijn. De kinderen beweren ook dat de vrijwilligers (wij dus) dan ook een kamer in het kinderhuis krijgen in plaats van bij Bhupendra in huis. Als dát waar is zijn wij daar niet onverdeeld gelukkig mee; het is juist prettig om halverwege de avond echt naar ons eigen stekkie te kunnen waar niet ieder moment om onze aandacht gebedeld wordt en waar we even uit de invloedssfeer van Bhimsen zijn. Maar misschien zal het onze tijd wel duren, we blijven hier tenslotte nog maar een paar weken.

Lekker graven in het bouwzand.

De nieuwe trap is een soort legpuzzel.

We hadden net onze tiffin naar binnen gewerkt (flauwe rijst met een waterig sausje) toen we op de trap Bhimsen tegenkwamen, gevolgd door Rajesh. Die hield iets in zijn hand, heel voorzichtig alsof het erg breekbaar was. Toen we hem passeerden stak hij het omhoog om het aan ons te laten zien. Het was verdorie een bril! We lachten er achter Bhimsens rug triomfantelijk om. Ik had in mijn stoutste dromen niet verwacht dat het opeens zo snel voor elkaar zou zijn! We worden overigens de laatste dagen weer straal genegeerd door Bhimsen sir. Of belachelijk gemaakt tegenover bezoek. Waarschijnlijk als straf voor onze bemoeizucht. Het zal me worst wezen, we hebben het mooi voor elkaar gekregen!

De kinderen wilden heel graag naar het veld om te voetballen en wij wilden best mee, maar eerst moesten ze nog even op het veldje achter het huis het gras afsnijden. Wij mochten het ook proberen; best fijn, even een beetje klooien met zo'n sikkel. Weer eens wat anders dan voor de klas staan.


Wij deden het niet onaardig maar de meiden waren tien keer sneller. De jongens hingen verderop in de bomen en voerden niks uit. De Nepalese rolverdeling zit er al goed in.

Suraj en Ishor in hun gauw even in elkaar geflanste hut. Er is als gevolg van de bouw helaas wel een struik overleden.

Of wacht, ze deden wel iets: onze camera's lenen en foto's van elkaar maken met Rajesh' nieuwe bril op.

Bij het partijtje voetbal fungeerde ik als keeper maar Bhimsen kwam iedere keer zeggen dat hij wel even zou aftrappen. Fijn, zoveel vertrouwen. Ik hield anders wel een heleboel ballen tegen. En bovendien was het maar een spelletje, toch? Na de zoveelste keer was ik er wel klaar mee. Ik ben aan de kant gaan zitten: laat hij het verder zelf maar opknappen. De tegenpartij won gelukkig met 6-4. ;)

Daarstraks, in de groene kamer, zaten de meiden zich te vergapen aan Rajesh' nieuwe look. Bij het avondeten had ik al een thumbs up gekregen van auntie Mahadevi en ook auntie Chameli heeft Rajesh aan zijn mouw naar zich toe getrokken en eens extra goed bekeken, met een brede glimlach. En nu zag ik Sita haast in aanbidding naar hem staren. Het staat hem ook goed, die bril. Zelf zat hij vooral naar zijn handen te kijken, die hij een eindje van zich af hield om ze dan uitgebreid te bestuderen. Er moet opeens een wereld voor hem opengaan, van bomen met blaadjes, bergen met huisjes ertegen en roofvogels en kraaien die elkaar door het dal achterna zitten. Ben benieuwd hoe het morgen op school voor hem is, eindelijk het bord kunnen lezen. Ik weet nog precies hoe dat voelde toen ik mijn eerste bril kreeg, en ik had toen nog maar een fractie van de brillesterkte die hij nu heeft. En wie weet hoe lang hij al zo heeft rondgelopen, met zijn 'no vision'. Apetrots ben ik, dat het eindelijk gelukt is.

En daar istie dan, Rajesh met bril.

dinsdag 13 december 2011

Zon en maan (en misschien binnenkort een bril, deel 2)

De maan komt iedere heldere avond tegen achten achter de berg uit piepen. En na zo'n heldere nacht hopen we steeds op een mooie, zonnige dag, maar de afgelopen twee ochtenden waren echt steenkoud. Het duurt zeker tot een uur of 11 voordat de zon tevoorschijn komt en het buiten een beetje uit te houden is. De kinderen eten nog steeds op het plaatsje achter het huis, in de open lucht. Ze staan 's ochtends net als wij te rillen - O miss, it is so much cold today! - maar er is in de keuken niet genoeg plaats voor iedereen. Die zou er wel zijn als eindelijk de kapotte bank vervangen zou worden maar dat is, zoals elke noodzakelijke aanschaf, een proces van maanden. Sommigen maakt het niks uit, Binda zit nog rustig buiten met blote armen terwijl de stoomwolkjes uit onze monden komen en ook de oudere jongens vinden binnen zitten omdat het koud is niet stoer. Maar er komen wel steeds meer mutsen en handschoenen en sjaals tevoorschijn. We hopen maar dat het niet veel kouder wordt want binnen is het inmiddels ook niet meer al te aangenaam.

Zaterdagavond waren we getuige van een volledige maansverduistering.


Hier is hij al bijna weg.


De krant had de volgende dag iets betere foto's.

Zondagavond hebben de kinderen 's avonds achter het huis een fikkie gestookt. Lekker warm. Al hielden wij ons hart vast voor hun synthetische jacks en trainingsbroeken die akelig dicht bij de vlammen kwamen.



's Avonds heb ik bij Bhimsen weer de bril voor Rajesh aangekaart. Ik heb hem het recept van de opticiën laten zien en hij reageerde heel begaan. Ja, een bril was inderdaad nodig. 'Is er budget voor brillen?' vroeg ik quasi onnozel. Nee, was het antwoord, daar is geen budget voor. En er is nu geen geld, ik zal het van het salaris af moeten houden. Wiens salaris zei hij er niet bij maar hij keek heel getroubleerd. En hij verzekerde me dat hij het nog deze week zou regelen.
De volgende middag zagen Inge en ik Bhimsen lopen in het dorp. Hij kwam ons tegemoet, een rood pakketje in zijn hand. Zodra hij ons zag, verdween het achter zijn rug. 'Where are you going?' klonk zijn standaardvraag. Ik dacht eerst dat hij een doos chocola gekocht had, maar na een paar minuten kwam het pakketje onopvallend achter zijn rug vandaan en zag ik dat het een nieuwe mobiel was. Met dat krappe budget valt het dus ook wel weer mee. Bhimsen en zijn mobiel zijn onafscheidelijk: het ding kondigt steevast zijn komst aan doordat hij er altijd muziek op afspeelt. Het is een geluid waar de kinderen helemaal gespitst op zijn.
Later zat hij met zijn nieuwe aankoop in de groene kamer, een paar kinderen hingen om hem heen om te kunnen meekijken op het schermpje. We wisten niet zeker of het zijn oude mobiel was, of de nieuwe. Inge heeft Sirjana langs haar neus weg gevraagd of het een nieuwe telefoon was die Bhimsen daar had, want ze hoorde allemaal nieuwe muziek? Ja, hij was nieuw. Was de oude kapot? Nee, was het antwoord, de oude had Bhimsens vriend Bibek nodig (de jongen met de schrille stem).
Het is een zoveelste incident in een eindeloze reeks. Inge en ik weten natuurlijk niks zeker, maar we hebben keer op keer hetzelfde niet-pluisgevoel. Tijdens de evaluatie hebben we het gedrag van Bhimsen uitgebreid aangekaart bij Bharat maar voor zover we weten worden er nog geen maatregelen genomen. Evenmin weten we in hoeverre Bharat Rene op de hoogte stelt. Maar als Rajesh deze week zijn bril niet krijgt, en reken maar dat ik ga zeuren en zaniken, dan gaat er weer een mail naar Rene. Die bril zal er komen, al is het het laatste wat ik hier doe.

zondag 11 december 2011

Wentelteefjes en chocopasta en hopelijk binnenkort een bril

Zaterdag 10 december 2011

De kinderen van Mero Niwas eten iedere dag daal baat, 's ochtends en 's avonds. Als lunch krijgen ze vaak een pak flauwe koekjes mee naar school, of een zakje droge noedels. Wij eten de daal baat met ze mee en gek genoeg ben ik het nog steeds niet zat, zo iedere dag hetzelfde. Ik had het zelfs een beetje gemist na onze trip naar Chitwan en Kathmandu.

Daal baat: rijst, linzensaus, aloo, tarkari en soms pickle.

Toch wilden we de kinderen graag eens wat anders laten proeven. Al een week of wat geleden hebben Inge en ik in de stad wat spullen gekocht waarmee we een keer een lunch wilden organiseren van dingen die ze nog nooit gegeten hebben: Boterhammen met pindakaas, chocopasta en jam. En wentelteefjes. De chocopasta kost hier wel een fortuin maar vooruit, voor die ene keer kon het best.
Vanochtend hebben we Rajesh, de oudste jongen, meegevraagd naar het dorp om eieren en melk met ons te gaan kopen. En, bij gebrek aan beter, voorverpakt brood van dubieuze versheid dat er niet al te smakelijk uitzag. De melk trek je hier niet zomaar uit het koelvak van de AH, daarvoor moesten we naar een 'dairy' aan de andere kant van het dorp. We moesten een hele tijd buiten wachten terwijl een mannetje binnen de melk voor ons ging halen. Uiteindelijk kwam hij tevoorschijn met drie plastic zakjes lauwe melk, dichtgebonden met een elastiekje. Misschien kwam de melk wel recht uit de koe maar de hele procedure speelde zich achter gesloten deuren af, dus wie zal het zeggen. Je kunt je hier sowieso maar beter niet afvragen hoe het voedsel dat je op je bord krijgt bewaard en bereid is. Tegenover de dairy zat een groepje mensen verwoed op het bloederige karkas van een koe in te hakken, gewoon aan de straat. De kaak met tanden lag nog tussen de hompen vlees te blinken.

Op weg naar huis zijn we in ons straatje nog even bij het brillenwinkeltje langsgegaan. Kritan moest daar vandaag met zijn moeder naartoe voor een oogmeting en we kwamen ze daar toevallig tegen. Ik weet zeker dat Rajesh ook een bril nodig heeft maar hoe vaak Inge en ik dat ook al voorzichtig bij Bhimsen hebben aangekaart, hij doet niets. Rene van Stichting Veldwerk heeft me verteld dat er budget zou moeten zijn. Ik zou zelf een bril voor Rajesh betalen als er echt geen geld was, maar daarvan ben ik niet overtuigd; onlangs is er ook internet aangeschaft en de enige die er gebruik van maakt is Bhimsen. Als daar geld voor is, moet het met die bril ook wel lukken. Met de meting van de opticiën in de hand kan ik de druk op Bhimsen opvoeren. Als er budget is, is het zijn taak te zorgen dat er een bril komt; als ik die betaal (en veel kost het niet), komt hij er veel te gemakkelijk vanaf.
Een oogmeting bleek maar honderd roepie te kosten (1 euro) en ik heb Rajesh meteen aangemeld. Zijn ogen waren nog nooit gemeten, ook al knijpt hij overduidelijk en moet hij ver voorover buigen om de UNO-kaarten te kunnen zien. De opticiën nam de tijd voor zijn meting en vatte toen hij weer achter zijn gordijn vandaan kwam de toestand van Rajesh' ogen bondig samen: 'No vision.' De jongen blijkt aan beide ogen -2,5 te hebben. Hij kan op school het bord zeer zeker niet lezen.
Tegen lunchtijd zijn we begonnen met het maken van de wentelteefjes. Rajesh wilde wel helpen, die houdt van koken. Dat 'koken' stelde in dit geval natuurlijk niet veel voor, wentelteefjes maken kan een kind. Maar de pannen die we tot onze beschikking hadden maakten het toch nog een hele toer. Van de ene was de steel los, zodat het hele ding telkens omkiepte, en de andere hád niet eens steel. Geen idee hoe de aunties zich daarmee redden. Auntie Mahadevi stond er aanvankelijk fronsend bij terwijl wij stonden te kliederen. Ze vond het maar niks. De meeste kinderen, die even nieuwsgierig hadden staan kijken, waren al nergens meer te bekennen. En Rajesh deed erg zijn best om ons te helpen maar had er zo te zien ook al niet veel fiducie meer in. Na wat geworstel met het falende keukengerei lukte het ons gelukkig toch nog om acceptabele wentelteefjes te bakken en ze waren nog lekker ook. We probeerden de kinderen ermee te lokken maar ze bleven sceptisch kijken. Een paar wilden ze niet eten omdat er ei in zat en zij vegetariër zijn. Govinda was geloof ik zelfs bang om in ons eten op kuikentjes te stuiten. Het beloofde allemaal weinig goeds en we zagen onze lunch al bijna op een mislukking uitdraaien.

Rajesh helpt de eieren breken.

Auntie Mahadevi kan het niet meer aanzien en komt helpen met de toast.

Na wat aandringen durfden een paar kinderen te proeven. Mmm, toch wel lekker! En dan hadden ze nog niet eens al het andere speciale beleg geproefd! Toen we van het brood eenmaal een enorme stapel toast hadden gemaakt en iedereen bij elkaar getrommeld (een paar zaten nog buiten in een boom), barstte een waar pindakaas-, jam- en chocopastafestijn los. Iedereen dromde om de tafel heen waar wij met de achterkant van een lepel (messen zijn er niet) toast smeerden met al het lekkers. Telkens werden er handen uitgestoken voor meer. Er zijn acht broden doorheen gegaan. Vooral de jam (Hero!) en de chocopasta vielen zeer in de smaak en gingen schoon op. De potten werden toen het brood op was zo ver mogelijk uitgelikt. Auntie Mahadevi had de middag van haar leven; telkens als ze een boterham voor iemand gesmeerd had, ging de volgende hap in haar eigen mond en van de wentelteefjes verdwenen er ook heel wat in haar plakkerige knuist.
De ranja die Inge uit Nederland heeft meegenomen vonden ze maar raar smaken, een beetje medicinaal. Rood water, noemde Rajesh het.

Eerst even ruiken aan de pot met pindakaas.


Sushil en Ishor smullen van de wentelteefjes.

Wie wil er nog een met chocopasta?

Na de lunch was Bhimsen er opeens weer, terug van een nachtje bij zijn moeder. De onafscheidelijke vriend wiens naam we niet weten was meegekomen. Een leuke jongen om te zien maar als hij zijn mond opendoet komt daar een schrille, hoge piepstem uit. Hij zegt dan ook niet veel; ik denk dat er iets mis is met zijn stembanden. De kinderen maakt het niet uit, ze vinden hem aardig, hij brengt soms snoep mee en hij voetbalt wel eens met ze.
Nadat ze enthousiast verslag hadden gedaan van hun lunch ('de chocopasta zat van hier tot hier') zijn we met de kinderen naar het veld gegaan. Ze hebben nog een paar uur fanatiek gevoetbald, tot het donker werd en ze allemaal bezweet en met rode koppen rondliepen. Zelfs Bhimsen en zijn vriend trapten aan het eind nog een balletje mee.
Weer thuis, toen het tijd was voor de meditatie, was Bhimsen alweer vertrokken, maar een paar van de oudere kinderen nemen inmiddels het voortouw en manen iedereen tot stilte. Vandaag was dat niet moeilijk, iedereen was afgepeigerd. Na het volkslied hebben we ook nog even gezongen voor Suraj, die 13 werd, en hem een klein cadeautje gegeven. Hij wist al lang wat erin zat, net zo'n plastic helikoptertje als we aan Ishor en Rajan hebben gegeven, maar straalde toch van oor tot oor.

Suraj met zijn cadeaus.

woensdag 7 december 2011

Chitwan

De afgelopen dagen hadden we onze 'midterm evaluation', een paar dagen om weer op te laden en onze ervaringen tot nu toe te bespreken met Bharat. Dat deden we niet in Kathmandu, maar in een fijn resort in Chitwan, een vlakke zuidelijke provincie waar zich het oudste nationale park van Nepal bevindt. Als je de arme sloebers en de lemen huisjes wegdacht waande je je soms heel even bijna ergens in Europa of zelfs Nederland.

De mosterdvelden staan mooi geel te bloeien.


Het Unique Wildlife Resort heeft een prachtige tuin en de warme douche is ook niet verkeerd.


Af en toe mis ik de klimhal een beetje.



Deze 'river sunset' is part of onze package deal. (Excuse my Dunglish.)


De eerste avond kunnen we genieten van het Tharu Cultural Programme, een heerlijke medley van lokale stokjesdans, travestie-acts en slapstick in een pauwenpak.

De volgende ochtend vroeg op voor een tochtje door krokodillenland in een houten kano.

We passen met z'n allen net in één wankel bootje. De krokodillen liggen al ongeduldig op ons te wachten dus handen binnenboord. Er lopen ook wilde pauwen rond en er zitten apen en wel zes soorten ijsvogels.


Het is heel mistig; je gaat haast vanzelf fluisteren.

Na het boottochtje gaan we lopen: jungle safari heet dat dan. Het eerste wild dat we spotten is een hele dikke neushoorndrol.


Ja, ik zie hem!


Daar staat de poeperd. Wat verderop lopen er nog een paar.

Ik vind de jungletocht best spannend. Er lopen hier ook tijgers rond. We zien er geen, maar wel een joekel van een pootafdruk.


Na de jungle safari gaan we naar het Elephant Breeding Center. Hier staan vrouwtjesolifanten geduldig aan een ketting te wachten tot een wilde mannetjesolifant uit de jungle komt om ze te bevruchten.


's Middags staat het 'elephant bath' op het programma. Het is net een leren bankstel als je op die brede rug zit. Maar wel een dat je eerst een douche geeft en je daarna afwerpt. De krokodillen liggen verderop alweer watertandend te wachten.

Nadat wij gewassen zijn, krijgen de olifanten zelf ook een bad.


Na het olifantenbad opteren we met z'n allen voor een jeep safari, hopend op nog meer wild.


Vier uur hobbelen later is de score: een handvol krokodillen, een python (een bruin hoopje in de verte), een paar herten, een aalscholver (wauw!) en een paar ooievaars die later maraboe's blijken te zijn. De tijger en de wilde olifanten laten zich niet zien.


Op 5 december hebben we 's ochtends evaluatie met Bharat. Daarna komt het hoogtepunt van ons verblijf, de olifantensafari.

Onze olifant schudt ons in ons mandje lekker door elkaar. Je zit best hoog en het is oppassen dat je geen takken in je nek krijgt. Maar we zien mooi wel een neushoorn en haar jong van heel dichtbij. De olifanten en de neushoorns storen zich totaal niet aan elkaar.


Onderweg scheuren de olifanten af en toe een boompje af om lekker op te eten.


Onze olifantenmenner heeft zich heel mooi uitgedost.


's Avonds is er kampvuur met pepernoten en een paar gauw in elkaar geflanste gedichten.

Dinsdag stappen we al weer vroeg op de bus voor de lange tocht terug naar Kathmandu. Die wordt nog langer doordat er weer een banda is. Leden van een gang hebben een politieke tegenstander deze nacht in de gevangenis halfdood geslagen. Uit protest hebben zijn medestanders vandaag een paar verkeersknooppunten dichtgegooid. Hè fijn! Dat wordt weer zinloos wachten. Daar hadden we net zin in.
Na een hoop gepraat krijgt Bharat ze zover dat ze onze toeristenbus erdoor laten. We zijn dan wel alweer dik anderhalf uur verder. Pas tegen donker rollen we de stad binnen. Nu nog een paar daagjes ontspannen voor we (waarschijnlijk vrijdag) weer terug reizen naar Barhabise.

zaterdag 3 december 2011

Banda

Vrijdag 2 december 2011

KAVRE, DEC 02 - Locals have disrupted the vehicular movement at Balefi and Khadichaur along the Arniko Highway from Friday morning demanding compensation to the family of those killed on Wednesday's road accident. Relatives and locals have been demanding compensation to the family of motorcycle rider Balaram Tamang and pillion rider Uddhav Shrestha who were killed in the road accident on Wednesday. Hundreds of passengers have been left stranded along the highway since this morning due to the obstruction. The duo was killed when the motorcycle they were riding collided with a van. Another one was critically injured in the accident.
[uit de krant eKantipur]

Met enige regelmaat heeft men hier in Nepal te maken met het fenomeen 'banda', ofwel staking. Voor allerlei doeleinden wordt dit pressiemiddel ingezet. Vaak zijn er politieke motieven maar een banda kan ook allerlei andere redenen hebben. Vandaag ging het dus om het loskrijgen van smartengeld voor de slachtoffers van een ongeluk en het was niet zozeer een staking maar meer een road block. En wij waren er, met vele anderen, de dupe van. Hè, fijn, dat werd weer eens een heerlijk dagje bussen.
Inge en ik waren vanochtend al even voor zessen opgestaan om de vroege - en snelle - non-stopbus naar Kathmandu te nemen. We verkneukelden ons al dagen over het vooruitzicht om daar vandaag eind van de ochtend aan de koffie met taart te zitten. Bij het kaartjesloket in het dorp bleek alleen dat er deze dag om onduidelijke redenen (a new system) geen non-stopbus reed, ook al was ons gisteren verzekerd van wel; er zat niets anders op dan toch maar weer de slome, om de honderd meter stoppende lokale bus te nemen die rustig vijf uur doet over de 85 km naar de hoofdstad. Met een beetje geluk konden we dan toch nog rond de middag in Kathmandu zijn.
Het eerste uur verliep voorspoedig, maar toen stuitten we op de staart van wat een ellenlane file bleek van vrachtwagens en bussen. Er ontstond meteen rumoer onder onze medepassagiers en iedereen begon uit te stappen. Niemand sprak genoeg Engels om ons te kunnen uitleggen wat er precies gaande was, maar toen de busjongen ons het geld van onze kaartjes ging terugbetalen was wel duidelijk dat deze bus voorlopig nergens meer naartoe ging. Er was een banda, zei men, a strike. Hoe lang dat zou gaan duren wist niemand maar de lengte van de file beloofde weinig goeds.


Tja, wat doe je dan? Het is een mistige, koude ochtend. Je staat met jebagage ergens langs die hele lange weg tussen Barhabise en Kathmandu en niets rijdt meer. En het plan was om morgenochtend vroeg met de groep door te reizen naar Chitwan in het zuiden voor een junglesafari en de halftijdse evaluatie. Ietwat ontdaan hebben we Bharat gebeld. Misschien kon hij ons advies geven. Dat kon hij inderdaad: Loop naar het dichtsbijzijnde dorp en ga iets eten. Daal baat of zo. Straks loopt dat hele dorp vol gestrande reizigers en dan is het eten op. En als er daarna nog niks rijdt, dan moet je maar terug naar Barhabise. Sympathiek natuurlijk dat hij aan onze straks rammelende magen dacht, maar daar hadden we niet zo veel aan. We wilden niet eten en al helemáál niet terug naar Barhabise; we wilden naar de stad! Uiteindelijk zijn we maar met de moed der wanhoop naar het volgende dorp gelopen om te zien of er daar misschien iets te regelen viel.


Vlak voor we bij de eigenlijke wegversperring aankwamen - een boom over de weg - herkenden we in een ons tegemoet komende motorrijder onze altijd behulpzame huisbaas Bhupendra. Hij lachte zijn kleine lachje naar ons en zei dat we het beste een kilometer of vijf konden doorlopen, tot voorbij een tweede wegversperring, en daar proberen de eerste de beste bus naar Kathmandu te nemen. Omdat hij altijd met goeie ideeën komt en de opties bovendien beperkt waren hebben we zijn raad opgevolgd. We zijn gaan lopen, voorbij de ruim aanwezige militaire politie, die rustig stond toe te kijken terwijl de lokale actievoerders hun boomstamversperring bewaakten, en daarna het dorp uit: een uitgestorven weg door een in nevel gehuld berglandschap met rivier. We waren net lekker op dreef, zingend en fantaserend dat we langs de route misschien wel ergens twee fietsen konden kopen, toen achter ons een bus uit de mist opdoemde. Inge begon meteen impulsief te zwaaien dat we mee wilden. Het was bomvol maar we hebben hangend aan de stangen wel mooi de vijf (of inmiddels nog vier) kilometer tussen de twee banda's in sneltempo afgelegd.
Bij de tweede wegversperring kon de bus niet verder. Vlak voor een brug was het een chaos van kriskras staande auto's en drommen mensen. Ook hier weer veel politie met geweren. We zijn te voet de brug overgestoken en naar het eind van alweer een ellenlange rij wachtende voertuigen gelopen om te zien of er al iemand rechtsomkeert ging maken. Vrijwel niemand maakte aanstalten; het gros van de mensen zat gelaten te wachten in hun bussen, of liep wat wezenloos heen en weer te slenteren tot de banda voorbij zou zijn.
Wij hadden geen zin in wachten, dat hebben we hier al veel te vaak en veel te lang gedaan. Koffie in Kathmandu wilden we, en snel een beetje! Gelukkig trad toen eindelijk Inge's die ochtend opgeraapte geluksmuntje in werking: we zagen in de verte, aan het eind van de rij, één bus die waarachtig aan het keren was en naar het scheen aanstalten maakte om terug naar de stad te rijden. Die moesten we hebben! We zijn er hard naartoe gerend en de meeste stoelen waren zowaar nog leeg.

Helaas vond de chauffeur het financieel niet interessant om met een haast lege bus te gaan rijden. Inge heeft eerst trappelend van ongeduld geprobeerd onze chauffeur tot vertrekken te bewegen, zonder resultaat, en daarna met enig leedvermaak een bus toeristen die in de rij de andere kant op stond laten weten dat het wel eens een lange dag voor ze zou kunnen worden. (Later hoorden we dat de banda pas om zes uur 's avonds was opgeheven. En voor alles dan weer vlotgetrokken is ben je zó nog eens twee uur verder.) Gelukkig begonnen ten slotte ook onze medepassagiers te morren en na nog zeker een uur wachten gingen we dan eindelijk. De rest van onze reis verliep voorspoedig en zo waren we toch nog halverwege de middag in Kathmandu. Snel in een taxi naar Mustang en daarna gauw naar de Himalayan Java: mmmmm... koffie!